Ondertiteling van dialectsprekers op de VRT
West-Vlamingen worden niet gediscrimineerd door de VRT, titelde De Standaard op 15 april. Johan Verstreken ondervroeg op donderdag 14 april mediaminister Geert Bourgeois in de commissie van het Vlaams Parlement. West-Vlamingen worden vaker ondertiteld dan inwoners van andere provincies. Niks van, antwoordde Bourgeois, zelf een West-Vlaming. Een universitaire studie bewijst het tegendeel. Intussen is het officiële verslag van het commissiedebat beschikbaar. Daarin vallen op de pagina's 5 tot en met 9 de volgende uitspraken te lezen:
Johan Verstreken:
Jürgen Verstrepen:
Minister Geert Bourgeois:
Johan Verstreken:
Geert Bourgeois:
Johan Verstreken:
Mijn bedenkingen:
Johan Verstreken:
Bovendien is er geen rechtlijnigheid in de ondertiteling van Vlaamse programma’s die in Vlaanderen worden uitgezonden. Het West-Vlaams dialect wordt steevast ondertiteld, terwijl dit bij het Antwerps dialect niet vaak het geval is. Ik wil het opnemen voor de diverse dialecten die aan het verdwijnen zijn. Ik ben absoluut voorstander van lokale dialecten maar ook van het algemeen Nederlands en het mooi Vlaams. Het lijkt mij dan ook zinvoller om ernaar te streven alle Vlaamse dialecten in alle programma’s te ondertitelen, en de ondertiteling van Nederlandstalige programma’s te laten verlopen via teletekst, zodat de kijker zelf kan kiezen voor ondertiteling. Op die manier is het voor niemand storend. Ik weet ook wel dat iemand met een beetje taalgevoel de lokale dialecten begrijpt. Sommige West-Vlamingen en Limburgers vinden het nogal storend. Ze worden nu en dan belachelijk gemaakt. Dat is nergens voor nodig.Johan Verstreken
Jürgen Verstrepen:
Wij, Antwerpenaren, vinden het logisch dat die dialecten worden ondertiteld. Dit echter terzijde. De heer Verstreken lanceert een constructief voorstel in het - en daar gaan we weer - digitaal tijdperk dat eraan komt. Op de digitale satelliet kan men nu al een aantal klankkanalen kiezen. Misschien moeten we nagaan of we in de beheersovereenkomst kunnen opnemen dat er én in het algemeen Nederlands wordt ondertiteld, én in een aantal dialecten, waaruit de kijker kan kiezen.Jürgen Verstrepen
Minister Geert Bourgeois:
Mijnheer Verstrepen, ik ben het niet met u eens wanneer u een lans breekt voor het Antwerps als algemene taal. Samen met de heer Verstreken betreur ik dat de taal van Gezelle niet de standaardtaal is geworden. Gedurende lange tijd is dat bijna het geval geweest. Het is net niet gelukt. We hebben nu een standaardtaal. Ik neem aan dat we er allemaal van overtuigd zijn dat we die moeten bevorderen. Het is mee de taak van de openbare omroep om daarvoor te zorgen.Geert Bourgeois
Vaak krijgt de VRT de kritiek als zou de omroep zijn ondertiteling niet consequent hanteren. Er wordt gezegd dat de fameuze driehoek een standaardbehandeling krijgt, terwijl andere dialecten meer zouden worden ondertiteld. Uit onderzoek van de universiteit van Gent is echter gebleken dat alle dialecten evenveel worden ondertiteld. Kijkers storen zich vooral aan ondertitels van hun eigen spreektaal en merken de andere ondertitels meestal niet op als storend.
Johan Verstreken:
Ergernis over ondertiteling van dialecten is inderdaad subjectief. Het onderzoek van de Gentse universiteit boeit me en ik zal dat proberen op te zoeken. U vindt het jammer dat er vaak een tussentaal wordt gesproken op televisie. Ik treed u daarin bij, maar verloochent u daarmee uw West-Vlaamse roots?
Geert Bourgeois:
Ik heb het over ‘wilde gij, doede gij en hebde gij’.
Johan Verstreken:
Dat was met een knipoog bedoeld. Het klopt dat er in feuilletons vaak een tussentaal wordt gesproken en dat was vroeger absoluut niet het geval. Ik betreur dat net als u. Het is positief dat de VRT meer en grotere inspanningen levert op vlak van ondertiteling.
Mijn bedenkingen:
- Dat onderzoek van de Gentse Universiteit zou ik wel eens willen zien. Ik heb er evenwel geen enkele referentie van teruggevonden.
- Ik heb de indruk dat het geen kwestie is van discriminatie van West-Vlaamse dialectsprekers tegenover - bijvoorbeeld - Antwerpse dialectsprekers. Het probleem bij de keuze tussen wel of niet ondertitelen situeert zich waarschijnlijk al in een vroeger stadium, namelijk bij de vraag of een spreker nu dialect spreekt, dan wel Algemeen Beschaafd Aantwaarps, of verkavelingsvlaams met een zwaar gekleurd accent, of Algemeen Nederlands. Die scheidingslijnen zijn niet haarscherp afgetekend, er zijn grijze zones, en een indeling in hokjes is hoe dan ook afhankelijk van de persoon die de indeling moet maken. Maar het is me inderdaad al vaker opgevallen dat nauwelijks verstaanbare Antwerpse broebelaars niet ondertiteld worden op de VRT.






dof
http://www.bright...