Van Cau over extreem-rechts, Brussel en België

Na de vorige verkiezingen heb ik een advertentie in de kranten geplaatst: FN-stemmers konden me persoonlijk bellen op een speciaal nummer, om me te vertellen waarom ze op die partij gestemd hadden. De telefoon stond roodgloeiend. Ik heb wel met honderd mensen gepraat, onder wie heel veel militanten van de socialistische vakbond. Dat heeft me zeer geraakt. Probleem nummer één bij de meeste bellers was de onveiligheid. Andere vonden geen betaalbare woning of kampten met existentiële vragen. Toch was ik na die telefoonsessie opgelucht: die mensen zijn niet verloren, de politiek kan hen nog recupereren. [...]

Ik was zeer verrast toen uit een recente peiling van Le Soir bleek dat bijna 70 procent van de Brusselaars het liefst alleen wil blijven, als hun gevraagd wordt waar ze heen willen. Alle andere peilingen - in Vlaanderen, Wallonië en Brussel - laten dezelfde tendens zien: iedereen wil Belg blijven, maar niet binnen hetzelfde België. Iedereen zegt volmondig 'ja' tegen de Brabançonne, de nationale voetbalploeg en, met nuances, het koningshuis. Maar zodra je een beetje aan het vernis van die symbolen krabt, zie je dat Vlamingen, Walen en Brusselaars allemaal een ander België willen.

Jean-Claude Van Cauwenberghe, Waals minister-president, geïnterviewd door Pascal Verbeken in Humo van 10 mei 2005