Obama over zijn ontmoeting met Bush in 2004 (2)

"Kom even hier voor een secondje", zei [Bush], en hij leidde me naar een rand van de kamer. "Weet je", zei hij zachtjes, "ik hoop dat je er geen bezwaar tegen hebt dat ik je wat raad geef".

"Helemaal niet, meneer de President", zei ik.

Hij knikte. "Je hebt een schitterende toekomst voor je liggen", zei hij. "Zeer schitterend. Maar ik ben hier al een tijdje in deze stad, en laat me je dit zeggen: het kan hard zijn. Als er veel aandacht op je gevestigd is, zoals dat met jou het geval is, dan nemen mensen je in hun vizier. En het zal niet alleen van mijn zijde komen, begrijp je? Van jouw zijde ook. Iedereen zal wachten op jouw uitschuiver, begrijp je wat ik bedoel? Hou je goed."

"Dank voor het advies, meneer de President".

"Goed zo. Nu moet ik weg. Weet je, wij hebben iets gemeenschappelijks".

"Wat is dat?"

"We zijn allebei in de clinch moeten gaan met Alan Keyes. Dat is er me eentje, nietwaar?"

Ik lachte, en terwijl we naar de deur liepen vertelde ik hem een paar anekdotes uit de campagne. (...)

Barack Obama in "The Audacity of Hope", Crown Publishers, 2006