Bush, "man van het jaar 2004"
Opvallend is dat Time hem als een ,,Amerikaanse revolutionair'' opvoert. En het is waar dat het etiket van ,,conservatief'' helemaal niet op Bush' buitenlands beleid pas. Hij is daar net zo min conservatief als Harry Truman, die in naam van de naar hem genoemde doctrine de Koreaanse oorlog begon, en als Ronald Reagan die het nucleair evenwicht van de terreur immoreel noemde, en die met zijn oproep aan Michail Gorbatsjov om de Berlijnse Muur te slopen niet de stem van de westerse kanselarijen, maar wel die van het gewone volk in Oost-Europa vertolkte.
Voor Bush zijn de conservatieven diegenen die de status-quo prefereren boven alles, en die met name passief toekijken wanneer blijkt dat de Verenigde Naties de spreiding van wapens voor massavernietiging niet kunnen tegengaan omdat zoveel lidstaten aan de proliferatie meewerken. Die ,,revolutionair'' is ook geen windhaan zoals zoveel politici die meedraaien met elke peiling, aldus Time. Of men voor is of tegen, hij is een man van diepe overtuigingen die hij niet verbergt.
,,Een gewone politicus vertelt de onbesliste kiezers wat ze willen horen; Bush vroeg ze voor hem te stemmen omdat hij dat juist niet wilde doen. Gewone politici hebben de behoefde geliefd te zijn; Bush vindt de vijandelijkheid van critici geruststellend.'' Andere politici die op het centrum mikken, verzachten hun boodschap; Bush, aldus Time ,,scherpte het debat aan tot bloedens toe''.
Er vallen nog meer verrassende dingen te ontdekken over de man die zijn vijanden een hak zette door niet alleen herkozen te worden, maar in het Congres grotere meerderheden te winnen dan ooit Ronald Reagan en Bill Clinton wisten te doen. De regering-Bush I en Bush II had en heeft meer vrouwen en meer leden van minderheden dan welke vorige regering ooit. Opvallend is ook dat Bush er zich bij de vorming van zijn eerste regering niet liet op voorstaan dat met Colin Powell en Condoleezza Rice op de belangrijke posten van Buitenlandse Zaken en Nationale Veiligheid voor het eerst Afrikaans-Amerikanen kwamen. ,,Hij ziet de mensen niet als lid van een groep maar als individuen'', zegt zijn omgeving. En senator Kay Bailey Hutchinson merkte op dat Bush een eigenschap heeft die veel andere mannelijke politici ontberen: ,,Hij slaat geen andere toon aan wanneer hij met een vrouw spreekt dan met een man. Hij gaat niet ineens luchtig of neerbuigend doen''.
Dat helpt verklaren, aldus Time , waarom hij in november stemmen bij won in de groepen die traditioneel niet Republikeins stemmen: zwarten, joden, hispanics, vrouwen, grootstedelingen, katholieken, senioren en ongelovigen. Daar lag Bush' overwinningsmarge en ,,niet bij de evangelische kiezers die ongeveer in dezelfde proportie gingen stemmen als vier jaar geleden''.
Mia Doornaert in De Standaard van 27 december 2004



Reacties
jansen
donderdag, 12 maart, 2009 - 21:59Nu is het gelukkig Obama!