Belangrijk voor business: feesten, show en drinkgeld
Ik zie jullie lachen, zo veel feesten denken jullie, moet dat. Ik zeg u, het is maar op die manier dat je de mensen achter u krijgt. (komt dichterbij) Zeg nu zelf. Je vraagt je cliënten om naar het voetbal te komen en wat blijkt? Ze hebben dat al gedaan. Je vraagt of ze mee gaan eten. Ze zijn al honderd keer gaan eten. Vraag ze naar de Night of the Proms, ze zijn al twee keer geweest. Maar vraag ze naar uw kasteel, of laat ze met vrouw en kinderen een hele dag in uw koetsen rondrijden? Dat is nog nooit gebeurd. (helemaal op dreef) Of inviteer ze naar de place to be: Waregem Koerse. Je vroeg daarnet hoe ik met een bouwgigant als Bouygues in contact kwam. Weet je hoe? Medewerkers van hem zijn naar Waregem Koerse geweest! Voila! Belangrijk! Medewerkers van de Franse Post zijn naar Waregem Koerse geweest. Carrefour, de dienst aankoop gebouwen, is al op mijn kasteel geweest. Onze pr-man doet niets anders dan feesten organiseren. Alleen al vorig jaar waren er zeventien grote feesten, los van kleine dingetjes. Maar, het brengt op, ik zweer het u. Marktstudies, tendensen, ik vind dat niet slecht, hé, maar ik doe het met boerenverstand. Ondernemen is geen exacte wetenschap. [...]
Zie je, weer de theorie van veel bliekjes gooien om af en toe een snoek te vangen. Soms gooi je minuscuul kleine bliekjes uit. Bijvoorbeeld op de jaarlijkse bijeenkomst voor vrijwilligers op de Koppenberg, bij de Ronde van Vlaanderen. Brandweerlui, seingevers, ziekenverzorgers, allemaal zijn ze er welkom op mijn feest. Will Tura komt dan zingen en we geven gratis frieten en bier. Ik ga dan ook op het podium staan en zeg: bedankt om zo talrijk te willen komen, bedankt omdat jullie zich zo massaal ten dienste stellen van de gemeenschap. En ik eindig met: mij kunnen jullie ook bedanken, door mij de adressen van potentiële bouwers door te geven. Amai, je zou eens moeten zien wat dat nadien aan brieven, mails en telefoons oplevert. Mensen die laten weten: mijn baas zal u bellen. Of: ik heb gehoord dat er in onze gemeente een nieuw gebouw bij komt, ik hou u op de hoogte. [...]
Neem De Clerck van Domo, die zijn villa en zijn paarden verstopt in bossen en achter hoge muren. Wil ik niet doen. Ik toon mijn bezittingen, ik inviteer mijn personeel op mijn kasteel. Ik zeg ze: kijk eens naar die stenen daar. Dat is dankzij jullie. Of als ik op een werf kom gereden met een nieuwe wagen en ik zie hoe de arbeiders met open mond naar die auto kijken, zeg ik: zie je dat prachtige wiel daar, awel, dat is afkomstig van een gast die al twintig jaar voor mij werkt. Ik ben hem daar dankbaar voor. Zonet, in Deerlijk, heb ik ook mijn dankbaarheid getoond. Ik zag dat iedereen goed bezig was, op de juiste plek stond, dat het werk vorderde en iedereen gemotiveerd was. Dan diep ik graag de geldbeugel op en dan krijgen ze een beetje drinkgeld. Ze weten dat. Kom ik en deel ik niet uit, dan weten ze het ook. Zo pakken we dat aan. Ik heb het onlangs aan mijn schoonzoon geleerd hoe hij drinkgeld moest geven. Ik heb gezegd: héél belangrijk!
Bouwondernemer Willy Naessens, geinterviewd door Marijke Libert in De Morgen van 2 juli 2005



Reacties
NN.
zondag, 3 juli, 2005 - 17:50Leterme en Dewael gezien op tv; eigenlijk vertelden ze hetzelfde, ze waren het roerend eens.