De journalistieke blunder van Flanders Today
Flanders Today, een weekblad dat gefinancierd wordt door de Vlaamse overheid om het imago van Vlaanderen in het buitenland (en bij buitenlandse journalisten in België) te verbeteren, verspreidde op 21 mei foutieve informatie die het imago van Vlaanderen schade berokkent. Dat is de kern van het conflict tussen voogdijminister Geert Bourgeois en hoofdredacteur Derek Blyth.
Deze zaak kwam in de mainstream media al uitvoerig aan bod, en normaal is dat voor mij een reden om er hier dan maar over te zwijgen, tenzij ik er iets substantieels kan aan toevoegen. Maar bij het lezen van de reacties over deze zaak stuitte ik op zoveel onzin en argumenten naast de kwestie, dat enige verduidelijking mij nuttig lijkt.
Eerst de feiten. Het betwiste artikel valt te lezen op pagina 6 van dit PDF-bestand. In een halve alinea slaagt auteur Rory Watson erin drie keer een manifeste onjuistheid aan zijn lezers voor te schotelen.

De burgemeesters van Wezembeek-Oppem, Kraainem en Linkbeek wordt niet verweten dat zij "campaign literature" (verkiezingsdrukwerk) of "election leaflets" (verkiezingsfolders) hebben verspreid of laten verspreiden die indruisten tegen de taalwet. Het ging niet om verkiezingsdrukwerk, maar om de officiële oproepingsbrieven waarmee de burgers worden opgeroepen om te gaan stemmen. De laatste zin van die alinea is helemaal te gek: het Europese Charter over de Lokale Autonomie kwam in deze zaak ter sprake, niet omdat de verspreiding van drukwerk ermee in strijd zou zijn, maar omdat de beslissing tot niet-benoeming ermee in strijd zou zijn. Uit die laatste zin wordt meteen duidelijk dat het hier niet om een opzettelijke poging gaat om het imago van Vlaanderen te schaden, maar om een journalistieke fout met hetzelfde schadelijke gevolg. Anders gezegd: de redactie van Flanders Today begrijpt niets van de hele kwestie en kan ze dus ook niet uitleggen zonder blunders te schrijven.
De taalwet regelt het taalgebruik tussen burgers en overheid, niets minder maar ook niets meer. Politieke partijen maken geen deel uit van de overheid, zij vallen onder de grondwettelijk gewaarborgde vrijheid van vereniging, en hun verkiezingsdrukwerk valt onder de grondwettelijk gewaarborgde vrijheid van meningsuiting en vrijheid van taalgebruik. De taalwetten zijn daarop dus niet van toepassing. De benoeming van de drie burgemeesters werd evenwel geweigerd omdat zij de officiële oproepingsbrieven voor de verkiezingen in het Frans hebben verstuurd aan Franstalige inwoners van hun faciliteitengemeenten. Dat druist in tegen de taalwet, die bepaalt dat de communicatie tussen overheid en burgers (en vice versa) in het Nederlandse taalgebied in het Nederlands verloopt. In faciliteitengemeenten kunnen inwoners vragen dat bepaalde akten en bepaalde mededelingen in de andere taal worden opgesteld. De omzendbrief-Peeters verduidelijkte dat deze vraag bij elk document opnieuw moet gesteld worden, met andere woorden dat de gemeente geen taalregister mag bijhouden waarin van inwoners permanent wordt bijgehouden tot welke taalrol zij behoren. De faciliteiten waren immers bedoeld om inwoners toe te laten zijn aan te passen aan de officiële taal, en men kan nooit met zekerheid weten of en wanneer dat "aanpassingsproces" voltooid is, zo is de officiële interpretatie van de Vlaamse overheid. De drie burgemeesters, die deze interpretatie van hun voogdij-overheid verwerpen, hadden hun oproepingsbrieven in het Nederlands moeten versturen naar alle kiesgerechtigde inwoners, en vervolgens een Franstalige versie moeten versturen naar die inwoners die daar expliciet om vroegen. Dat ze anders gehandeld hebben, versterkt de onterechte indruk dat het Nederlands en het Frans in de faciliteitengemeenten wettelijk volledig op voet van gelijkheid zouden staan.
Dat Flanders Today de feiten onjuist weergeeft, en dan nog op een manier die onwetende buitenlanders foutieve inzichten over de Belgische taalstrijd laat verwerven, berokkent het imago van Vlaanderen schade. Deze kwestie heeft niets met "redactionele onafhankelijkheid" te maken, zoals hoofdredacteur Derek Blyth nu beweert, noch met het recht om "kritische artikels" te schrijven. Het gaat om het verspreiden van factueel onjuiste informatie over een onderwerp dat de kern vormt van de bestaansreden van Flanders Today. Met zijn reactie heeft Blythe de zaken alleen maar erger gemaakt.
Als ik erin slaag om de essentie van de niet-benoeming van de drie burgemeesters in één alinea uit te leggen, waarom konden Rory Watson of Derek Blyth dat niet doen? Als het tijdschrift gefinancierd wordt met de bedoeling om het imago van Vlaanderen te verbeteren, dan spreekt het vanzelf dat kennis over en inzicht in de communautaire problematiek essentieel is.
Deze zaak kwam in de mainstream media al uitvoerig aan bod, en normaal is dat voor mij een reden om er hier dan maar over te zwijgen, tenzij ik er iets substantieels kan aan toevoegen. Maar bij het lezen van de reacties over deze zaak stuitte ik op zoveel onzin en argumenten naast de kwestie, dat enige verduidelijking mij nuttig lijkt.
Eerst de feiten. Het betwiste artikel valt te lezen op pagina 6 van dit PDF-bestand. In een halve alinea slaagt auteur Rory Watson erin drie keer een manifeste onjuistheid aan zijn lezers voor te schotelen.

De burgemeesters van Wezembeek-Oppem, Kraainem en Linkbeek wordt niet verweten dat zij "campaign literature" (verkiezingsdrukwerk) of "election leaflets" (verkiezingsfolders) hebben verspreid of laten verspreiden die indruisten tegen de taalwet. Het ging niet om verkiezingsdrukwerk, maar om de officiële oproepingsbrieven waarmee de burgers worden opgeroepen om te gaan stemmen. De laatste zin van die alinea is helemaal te gek: het Europese Charter over de Lokale Autonomie kwam in deze zaak ter sprake, niet omdat de verspreiding van drukwerk ermee in strijd zou zijn, maar omdat de beslissing tot niet-benoeming ermee in strijd zou zijn. Uit die laatste zin wordt meteen duidelijk dat het hier niet om een opzettelijke poging gaat om het imago van Vlaanderen te schaden, maar om een journalistieke fout met hetzelfde schadelijke gevolg. Anders gezegd: de redactie van Flanders Today begrijpt niets van de hele kwestie en kan ze dus ook niet uitleggen zonder blunders te schrijven.
De taalwet regelt het taalgebruik tussen burgers en overheid, niets minder maar ook niets meer. Politieke partijen maken geen deel uit van de overheid, zij vallen onder de grondwettelijk gewaarborgde vrijheid van vereniging, en hun verkiezingsdrukwerk valt onder de grondwettelijk gewaarborgde vrijheid van meningsuiting en vrijheid van taalgebruik. De taalwetten zijn daarop dus niet van toepassing. De benoeming van de drie burgemeesters werd evenwel geweigerd omdat zij de officiële oproepingsbrieven voor de verkiezingen in het Frans hebben verstuurd aan Franstalige inwoners van hun faciliteitengemeenten. Dat druist in tegen de taalwet, die bepaalt dat de communicatie tussen overheid en burgers (en vice versa) in het Nederlandse taalgebied in het Nederlands verloopt. In faciliteitengemeenten kunnen inwoners vragen dat bepaalde akten en bepaalde mededelingen in de andere taal worden opgesteld. De omzendbrief-Peeters verduidelijkte dat deze vraag bij elk document opnieuw moet gesteld worden, met andere woorden dat de gemeente geen taalregister mag bijhouden waarin van inwoners permanent wordt bijgehouden tot welke taalrol zij behoren. De faciliteiten waren immers bedoeld om inwoners toe te laten zijn aan te passen aan de officiële taal, en men kan nooit met zekerheid weten of en wanneer dat "aanpassingsproces" voltooid is, zo is de officiële interpretatie van de Vlaamse overheid. De drie burgemeesters, die deze interpretatie van hun voogdij-overheid verwerpen, hadden hun oproepingsbrieven in het Nederlands moeten versturen naar alle kiesgerechtigde inwoners, en vervolgens een Franstalige versie moeten versturen naar die inwoners die daar expliciet om vroegen. Dat ze anders gehandeld hebben, versterkt de onterechte indruk dat het Nederlands en het Frans in de faciliteitengemeenten wettelijk volledig op voet van gelijkheid zouden staan.
Dat Flanders Today de feiten onjuist weergeeft, en dan nog op een manier die onwetende buitenlanders foutieve inzichten over de Belgische taalstrijd laat verwerven, berokkent het imago van Vlaanderen schade. Deze kwestie heeft niets met "redactionele onafhankelijkheid" te maken, zoals hoofdredacteur Derek Blyth nu beweert, noch met het recht om "kritische artikels" te schrijven. Het gaat om het verspreiden van factueel onjuiste informatie over een onderwerp dat de kern vormt van de bestaansreden van Flanders Today. Met zijn reactie heeft Blythe de zaken alleen maar erger gemaakt.
Als ik erin slaag om de essentie van de niet-benoeming van de drie burgemeesters in één alinea uit te leggen, waarom konden Rory Watson of Derek Blyth dat niet doen? Als het tijdschrift gefinancierd wordt met de bedoeling om het imago van Vlaanderen te verbeteren, dan spreekt het vanzelf dat kennis over en inzicht in de communautaire problematiek essentieel is.

EricJans - eric_jans001 (at) hotmail (dot) com
Franstalige imperialisten moeten zich toch echt wel een dubbele breuk lachen als ze zien dat ze bekrachtigd worden door een blad dat het Vlaamse standpunt zou moeten toelichten.
Nu goed. Het illustreert de onvoorstelbare moeilijkheidsgraad om Vlaamse belangen in Belgische context te blijven verdedigen. Die context moet duidelijker: Vlaanderen onafhankelijk.
Respect krijg je niet; je dwingt het af.