Leterme over de faciliteiten
Volgens de Vlaamse minister-president Yves Leterme zijn de Franstaligen in de faciliteitengemeenten blijkbaar "intellectueel niet in staat om Nederlands te leren". In een interview dat donderdag in de Parijse krant Libération werd gepubliceerd, preciseert Leterme dat hij principieel geen separatist is, zelfs als Vlaanderen in staat zou zijn om op eigen benen te staan. Hij herhaalt de bekende communautaire standpunten: geen wijzigingen aan de taalgrens, de noodzaak van bijkomende bevoegdheden voor de gewesten, enz.
Voor Leterme, die erkent dat er 70 à 80% Franstaligen zijn in de Vlaamse faciliteitengemeenten, wordt het gebruik van het Frans er getolereerd en was het basisidee dat velen onder hen zich zouden aanpassen aan de nieuwe taalkundige realiteit. "Maar blijkbaar zijn de Franstaligen intellectueel niet in staat om Nederlands te leren, waardoor dat uitzonderingsstatuut verlengd werd". Op VTM verduidelijkte Leterme dat dit ofwel blijk geeft van "slechte wil", ofwel "van een gebrek aan kennis en inzicht". [...]
"De koning, de voetbalploeg, sommige biersoorten" vormen in de ogen van de minister-president wat nog overblijft aan gemeenschappelijke elementen tussen Franstaligen en Nederlandstaligen in België. Maar hij vindt dit niet dramatisch, omdat België geen waarde op zich heeft maar wel "instellingen die ten dienste staan van de bevolking" bevat. Als die instellingen niet evolueren om zich aan te passen aan de wensen van de burgers, dan heeft het land geen toekomst, zegt hij nog.
Hij herinnert eraan dat zijn partij niet zal deelnemen aan een regering na de verkiezingen indien er geen bijkomende bevoegdheden overgeheveld worden, en verduidelijkt dat de noodzaak aan een federale regering bijkomstig wordt met betrekking tot de belangen van Vlaanderen. Hij is van mening dat de geboorte van België "een ongelukje van de geschiedenis is".
Ook al is hij van mening dat een onafhankelijk Vlaanderen weinig zou veranderen aan de politieke realiteit van het land, toch voegt hij daaraan toe dat hij principieel geen separatist is. Sommige zaken kunnen nog gemeenschappelijk gebeuren, zoals de solidariteit tussen personen, de pensioenen en de ziekteverzekereing, zo zegt hij, en hij voegt er nog aan toe dat men voor een scheiding met tweeën moet zijn.
Het interview vormt het sluitstuk van een artikel dat "Babel(ge)" getiteld is en dat gewijd is aan de taalkwestie in België.
Franstalig Belga-bericht, 17 augustus 2006
Voor Leterme, die erkent dat er 70 à 80% Franstaligen zijn in de Vlaamse faciliteitengemeenten, wordt het gebruik van het Frans er getolereerd en was het basisidee dat velen onder hen zich zouden aanpassen aan de nieuwe taalkundige realiteit. "Maar blijkbaar zijn de Franstaligen intellectueel niet in staat om Nederlands te leren, waardoor dat uitzonderingsstatuut verlengd werd". Op VTM verduidelijkte Leterme dat dit ofwel blijk geeft van "slechte wil", ofwel "van een gebrek aan kennis en inzicht". [...]
"De koning, de voetbalploeg, sommige biersoorten" vormen in de ogen van de minister-president wat nog overblijft aan gemeenschappelijke elementen tussen Franstaligen en Nederlandstaligen in België. Maar hij vindt dit niet dramatisch, omdat België geen waarde op zich heeft maar wel "instellingen die ten dienste staan van de bevolking" bevat. Als die instellingen niet evolueren om zich aan te passen aan de wensen van de burgers, dan heeft het land geen toekomst, zegt hij nog.
Hij herinnert eraan dat zijn partij niet zal deelnemen aan een regering na de verkiezingen indien er geen bijkomende bevoegdheden overgeheveld worden, en verduidelijkt dat de noodzaak aan een federale regering bijkomstig wordt met betrekking tot de belangen van Vlaanderen. Hij is van mening dat de geboorte van België "een ongelukje van de geschiedenis is".
Ook al is hij van mening dat een onafhankelijk Vlaanderen weinig zou veranderen aan de politieke realiteit van het land, toch voegt hij daaraan toe dat hij principieel geen separatist is. Sommige zaken kunnen nog gemeenschappelijk gebeuren, zoals de solidariteit tussen personen, de pensioenen en de ziekteverzekereing, zo zegt hij, en hij voegt er nog aan toe dat men voor een scheiding met tweeën moet zijn.
Het interview vormt het sluitstuk van een artikel dat "Babel(ge)" getiteld is en dat gewijd is aan de taalkwestie in België.
Franstalig Belga-bericht, 17 augustus 2006

Frederik Dhondt