De grootse plannen van Che Guevara

"Het kan niet anders of ik moet Ché Guevara in één van zijn vermommingen ontmoet hebben", zegt Pablo Franssens, een Belgische missionaris die destijds in Bolivia woonde, zich daar over de mijnwerkers ontfermde en de vrienden van de Cubaanse Argentijn kende. "Toen het nieuws van zijn dood bekend raakte,, heb ik een mis voor hem opgedragen". (...)

Pablo Franssens (76, en geboren op 14 juni, dezelfde dag als Guevara) relativeert echter Chés pogingen om voeling te krijgen met het boerenvolk. "Het enige wat hij deed, was eten bij ze halen en ze ervoor betalen. Voor de rest vermeed hij het contact met de campesinos. Van Chés dagboek denkt hij dat het als dwaalspoor opgezet was, bedoeld om de toevallige vinders met een kluitje in het riet te sturen. (...)

"Ik heb mijn vrienden destijds beloofd twintig jaar te zwijgen. Maar volgens Chés later omgebrachte vertrouwelingen Sergio Almaraz Paz, Olga Pantelis, Federico Escobar en vele anderen, zag hij de dingen groter. Eigenlijk wou hij een grote revolutionaire leerschool oprichten die in alle landen van Latijns-Amerika zou toeslaan. Een soort links-revolutionair tegengewicht voor de School of the Americas, zeg maar. (...)

In de loop der jaren bevestigden diverse getuigen, onder wie een Cubaanse ambassadeur in Brussel die Franssens ooit een brief van Fidel Castro over de zaak liet zien, Guevara's ware project. "Dat mocht destijds niet aan het licht komen omdat eind jaren zestig nog niet duidelijk was dat de VS het pleit zouden verliezen in Vietnam. Bovendien wou Cuba de landen van Latijns-Amerika in afwachting van het grootse revolutionaire project zo goed mogelijk te vriend houden". (...)

Lode Delputte in De Morgen, 5 oktober 2007