Koppig optimisme

Als weblogger kun je invloed uitoefenen op het idealisme van je publiek. Maar die invloed krijg je alleen door zeeën van tijd in het verrijken van je informatie te stoppen, en waarom zou je dat doen? Die moeite getroost je je alleen als er “iets” is dat je de moeite van het beïnvloeden waard vindt en als je gelooft dat jouw nietige inbreng ertoe doet. Dat koppige optimisme vind ik terug in een stuk of dertig weblogs – van Sargasso en Hoeiboei tot GeenCommentaar, van Onze Man in Teheran tot het Vlaamse LVB.net, van Mijn kind heeft Down’s syndroom tot File Under. En bij eenlingen als Stan van Houcke en Stan de Jong.

Weblogs bestrijden het pessimisme en de kortzichtige “what’s-in-it-for-me?” skepsis in ons land het beste als ze laten zien dat ze zelf factoren van betekenis zijn. Ze kunnen gezag verwerven, citeerbaarder worden, sterke merken bouwen. Als dat gebeurt, wordt die grootse toekomst van het weblog vanzelf realiteit.

Theo van Stegeren op De Nieuwe Reporter, 10 oktober 2008

Reacties

#76772

BC

 

Rik Torfs blogt over pessimisme: http://terzake.canvas.be/ui...

Als ik in een intellectueel gezelschap verkeer, als ik mij bijvoorbeeld ophoudt tussen journalisten, cultuurfilosofen of schrijvers, schaam ik mij diep. Deemoed overvalt mij. Ik ben immers een redelijk gelukkig mens. Optimistisch van nature. En dat kan natuurlijk niet. Wie waarlijk nadenkt, ziet de wereld somber in. Gelukkig zijn getuigt van oppervlakkigheid. Dat weet ik, en het maakt me ongelukkig.

Daarom ben ik bijzonder blij op deze plek mee te kunnen delen dat heden het pessimisme zich plotseling van mij meester heeft gemaakt. En wel deze ochtend, toen ik de politieke situatie overdacht, terwijl ik het landschap in ogenschouw nam dat voor het eerst dit jaar lichte aanzetten tot lente vertoonde.

De verkiezingen van juni (...)

Een dwergstaat

Tot nog toe was het verschillende tijdstip van de regionale en federale verkiezingen vooral vervelend. Veelvuldige verkiezingen zijn niet leuk en verlammen het beleid. Maar dit keer zouden de gevolgen drastischer kunnen zijn. Het einde van België bijvoorbeeld. Dat is duur en duurt lang. En om een of andere reden woon ik niet graag in een dwergstaat. Neem nu Vaticaanstad. De mannen zijn er macho’s, de zin voor humor is er gering. Niet dat Vlaanderen ook zoiets zou kunnen overkomen, maar toch.