En de verliezers van de verkiezingen zijn... de peilingen
(...) De verkiezingsuitslag bevestigt ook nu weer dat de traditionele peilingen zelden in staat blijken om de omvang van dergelijke dynamische electorale 'wisselstromen' veroorzaakt door onbesliste kiezers - volgens sommige peilingen oplopend tot de helft van het electoraat - voor de verkiezingen op te pikken en adequaat uit te drukken in cijfers. Er is trouwens geen enkele reden om aan te nemen dat de voorkeuren van twijfelende kiezers en late beslissers uiteindelijk in dezelfde richting gaan van 'beslisten' die in peilingen hun kiesintentie vroegtijdig prijsgeven. Twijfelende kiezers kunnen integendeel, zelfs radicaal tegen de stroom en de tendensen van de besliste kiezer ingaan. De traditionele peilingen houden de thermometer vooral dicht bij het besliste en dus relatief campagne-ongevoelige deel van het electoraat, en brengen om die reden overwegend het stabiele - en dus per definitie minst interessante deel in kaart. Dat is inherent aan de manier waarop traditionele peilers tewerk gaan. (...)
In tegenstelling tot Het Laatste Nieuws bijvoorbeeld, verzwijgt De Standaard in zijn rapportering consequent het aantal bruto-contacten noodzakelijk om het vereiste aantal bereidwilligen te vinden om tot een 'representatief samengestelde steekproef' te komen. In het geval van De Standaard: een duizendtal telefonisch ondervraagden.
De meest recente peilingen van VRT/De Standaard en La Libre Belgique weken respectievelijk 15,2 en 14,5 procent af van de reële verkiezingsuitslag. In een kiesgebied waar de grootste politieke partij een marktaandeel noteert van 22,9 procent en drie partijen ongeveer 15 procent scoren is dat aanzienlijk. (...)
In traditionele steekproeven wordt het fameuze begrip 'representativiteit' stelselmatig mismeesterd en als gezagsargument gebruikt, terwijl die steekproeven in geen enkel opzicht als 'representatief' kunnen worden beschouwd voor de kiesgerechtigde populatie waarop zij betrekking hebben, laat staan voor de kiesintenties of het kiesgedrag binnen die populatie. Het gros van de peilingen houdt bijvoorbeeld geen rekening met 'blanco stemmen' en niet-stemmers, hoewel die bij de afgelopen verkiezingen samen 12,5 procent van kiesgerechtigd Vlaanderen vertegenwoordigden. (...)
Verfijning van de methode die 'De Stemmenkampioen' ontwikkelde ('SwitchPoll') zou in staat moeten zijn om zelfs in een erg versnipperd partijpolitiek landschap als het onze, de cumulatieve afwijking voor alle partijen samen te beperken tot circa 5 procent, precies omdat de methode steunt op de inschatting van de dynamiek die het volatiele deel van de kiezers (en dus ook de onbesliste kiezer) veroorzaakt, en daarbij ook rekening houdt met blancostemmers.
Frank Thevissen in een opiniestuk in De Tijd, 12 juni 2009



Reacties
johan vandepopuliere
vrijdag, 12 juni, 2009 - 12:24"De meest recente peilingen van VRT/De Standaard en La Libre Belgique weken respectievelijk 15,2 en 14,5 procent af van de reële verkiezingsuitslag. In een kiesgebied waar de grootste politieke partij een marktaandeel noteert van 22,9 procent en drie partijen ongeveer 15 procent scoren is dat aanzienlijk."
Als misleidend gebruik van getallen en statistische begrippen kan dit ook tellen. Wat betekent die 15,4%? Cumulatieve afwijking op alle marktaandelen? Gemiddelde afwijking op elk marktaandeel? Maximale afwijking op elk marktaandeel?
Wie statistische irrelevantie aankaart, moet tenminste heldere statistische terminologie gebruiken.
Cogito
vrijdag, 12 juni, 2009 - 13:53Ik denk dat de peilingen wel degelijk min of meer juist waren op het moment van de peiling zelf en dat veel kiezers op het laatste moment van gedacht zijn veranderd. Door welk gegeven? De oproep van Dehaene bijvoorbeeld?
ivan janssens
vrijdag, 12 juni, 2009 - 14:02De peilingen zaten er niet naast. Voor CD&V, Open Vld, Sp-a, Vlaams Belang en Groen zat alles netjes binnen de foutenmarges. En voor LDD en N-VA werd de trend wel degelijk opgepikt: dalend voor LDD (17-16-12-11...) terwijl N-VA duidelijk in de lift zat (laatste peiling Standaard/Vrt bijna 50% meer dan twee weken eerder). Verklaringen zoals die van Dehaene van Vandenbroeke hebben inderdaad voor een extra opstoot gezorgd.
A.Rouet
vrijdag, 12 juni, 2009 - 15:24Heb De Tijd niet gelezen, maar indien Thevissens stelling enkel met de hierboven gebrachte cijfers dient te worden gestaafd, dan maakt de man moeilijke dagen mee. Zijn 'kingdom voor foute peilingen' zoveel is duidelijk.
paardenvriend
vrijdag, 12 juni, 2009 - 15:38@ johan vandepopuliere
LVB citeert slechts gedeeltelijk het artikel. Zo schrijft Thevissen b.v., voorafgaand aan die 15,2 en 14,5 %:
"Als we alle afwijkingen tussen de ‘voorspelde’ en reële verkiezingsuitslag optellen op basis van de laatst gepubliceerde peilingen, dan wijkt de ‘voorspelde’ uitslag van Het Laatste Nieuws samengeteld het meest af van de reële verkiezingsuitslag: 19,6 procent of omgerekend goed voor een verschil van 22 op 124 zetels. Zowel bij LDD als N-VA loopt de afwijking apart op tot 4,8 procent. Beide afwijkingen alleen al blijken samen goed voor een verschil van maar liefst 13 zetels. De meest recente peilingen van VRT/De Standaard en La Libre Belgique weken respectievelijk 15,2 en 14,5 procent af van de reële verkiezingsuitslag." En bij het artikel in De Tijd stond ook nog een tabel, die duidelijk maakt wat Thevissen bedoelt.
Wie De Tijd niet heeft: het volledig artikel (zonder tabel) staat hier:
http://www.nieuwpierke.be/f...
@ cogito en ivan janssens
vreemd dat jullie dergelijke resultaten als min of meer juist verdedigen, terwijl de peilingen toch een volledig ander resultaat geven dan de verkiezingsuitslagen, en nog geen klein beetje. Bovendien houden ze geen rekening met de 12,5% blanco, ongeldige stemmen en niet-stemmers, en zijn ze dus geen peiling van 'de kiesintenties' van 'de kiezer', maar geven ze het soortelijk gewicht van de partijen aan, alleen bij die kiezers die wel willen zeggen dat ze van plan zijn geldig te stemmen. En om er 2.000 te vinden die dit willen zeggen, moet HLN er bijna 9.000 contacteren. Die 2.000 zijn dan zogenaamd wel 'binnen de foutenmarge', een uitdrukking die toch niets betekent: want hoe stemmen die 7.000 die niet willen antwoorden? Door 12,5% helemaal niet in de peilingen op te nemen, komt ook de kiesintentie dus van een op acht kiezers niet aan bod in de peilingen. Om die reden alleen moet men dus besluiten dat de peilingen verkeerde cijfers geven: het zijn helemaal geen peilingen van 'de kiesintenties', wat ze beweren te zijn. Men zou op zijn minst b.v. 2 percentages moeten meten en bekend maken: een inclusief de niet-stemmers en blanco stemmers om een volledig beeld te krijgen van de kiesintenties van iedereen, en dan een tweede percentage dat alleen met de geldige stemmen rekening houdt om de verhoudingen tussen de partijen te meten.
johan vandepopuliere
vrijdag, 12 juni, 2009 - 18:00Bedankt voor de toelichting.
Vraag is nu: wat moet men doen om de peilingen beter te doen kloppen?
- Er kan een correlatie zijn tussen kiesgedrag en bereidheid mee te doen aan peilingen.
- Er is het Bradley-effect, de neiging om politiek correct te antwoorden maar niet correct te stemmen, zie http://www.paulgraham.com/p...
- De groep onbeslisten blijkt niet evenredig te stemmen met de beslisten.
Kan men een correctiefactor introduceren, gebaseerd op de historiek?
Zijn peilingen wel rechtvaardig? De combinatie met de kiesdrempel is alvast nefast voor de kleine partijen.
Cogito
vrijdag, 12 juni, 2009 - 19:49Volgens mij is de Magnum P.I. zaak voor LDD nefast geweest, nog nefaster dan de vreemde zaak van de broodjesventer.
Cogito
vrijdag, 12 juni, 2009 - 19:50Of hoe een kwakkel en een kwiet de geschiedenis kunnen veranderen. Het vlindereffect.