Taalgrens is ook werkloosheidsgrens

Werkmigraties Kortrijk-Doornik-Moeskroen-Frankrijk
Een eengemaakte Europese markt kan een stevige impuls geven aan de economische groei. Toch schort er momenteel nog heel wat aan die eengemaakte markt: producten en diensten zijn al redelijk mobiel over de landsgrenzen heen, maar arbeidskrachten zijn dat niet. De verschillen in tewerkstellingsgraad tussen de landen van de EU kunnen nog onvoldoende uitgevlakt worden door migraties van werknemers. Zelfs binnen België loopt het al grondig fout met de arbeidsmobiliteit. In het arrondissement Kortrijk schommelt de werkloosheidsgraad bij de mannen rond de 4 à 5%, waardoor problemen ontstaan om vacatures in te vullen. Nog geen dertig kilometer verderop, in het Waalse arrondissement Doornik, is 15 à 18% van de mannelijke beroepsbevolking werkloos. In het tijdschrift West-Vlaanderen Werkt publiceerde Tom Vanpoucke een grondige studie van het fenomeen. De oplossing lijkt eenvoudig: werklozen uit het arrondissement Doornik laten werken in het arrondissement Kortrijk. Dat is echter buiten het onoverkomelijke taalprobleem gerekend dat een hindernis vormt voor de arbeidsmobiliteit. Volgens een enquête van de Kortrijkse universitaire campus kent 60% van de bevolking in de arrondissementen Doornik en Moeskroen geen enkele vreemde taal, terwijl dat in Kortrijk, Roeselare en Ieper minder dan 30% bedraagt. Maar ook een belangrijk verschil in scholingsgraad blijkt een oplossing in de weg te staan: Kortrijk vereist technisch geschoolde arbeidskrachten, terwijl Doornik met een pak laaggeschoolde werklozen opgescheept zit. Wegeninfrastructuur tussen beide gebieden is in voldoende mate aanwezig, maar de Doornikse werklozen beschikken vaak niet over een eigen voertuig en de lage doordringingsgraad van het openbaar vervoer belemmert de mobiliteit, aldus Vanpoucke. Hij wijst tenslotte op een verschil in mentaliteit: de motivatie van langdurig werklozen om werk te zoeken blijkt in Doornik zeer laag te zijn. Het negatieve beeld dat de Waalse media ophangen over het Vlaamse landsgedeelte, blijkt bij te dragen tot deze mentaliteit. Hierdoor identificeert een deel van de werkloze bevolking in Wallonië de Vlaamse werkgevers als "Vlaamse uitbuiters", waardoor deze groep afkerig staat tegenover een job in Vlaanderen.

Wat het artikel van Tom Vanpoucke niet vermeldt, maar waar ik hier graag even aan herinner, is dat PS-politica en voormalig minister van tewerkstelling Laurette Onkelinx het voorstel om Waalse of Brusselse werklozen verplicht te werk te stellen in Vlaanderen (indien ze hun recht op werkloosheidsvergoeding niet willen verliezen), enkele jaren geleden afwimpelde met het argument dat een dergelijke verplichte tewerkstelling over een taalgrens heen zou indruisen tegen de rechten van de mens. Niet dat ik het daarmee eens ben, maar de uitspraak is wel typerend.

Klik hier om de grafiek te zien van de evolutie van de werkloosheidsgraad in Kortrijk en Doornik


Reacties

#2128

Hans van Meijgaard

 

Het Belgische politieke systeem is voor een simpele Nederlander volstrekt onbegrijpelijk.

Meertaligheid in woord en geschrift is sociaal en ecomomisch (maatschappelijk)een basis overlevings voorwaarde voor kleine landen in Europa.Ik heb nooit begrepen dat in het twee talen land Belgïe er kennelijk geen efffectief wettelijk verplicht twee-talig onderwijs op basisscholen bestaat.

Het beschamende gebrabbel van leidende openbare persoonlijkheden die kennelijk hun moerstaal niet spreken is zonder meer stuitend.

#12598

Sally Mens

 

Dag mede-Nederlander. U begrijpt niet veel nog van België. Het land is drietalig; de Oostkantons zijn er ook nog. Eigenlijk is er sprake van viertaligheid: in de Belgische provincie Luxemburg spreekt men ook Lutzenburgs. U kunt de Vlamingen van alles willen opleggen maar die onwilligheid de taal van de ander te willen spreken komt van de andere kant van de taalgrens af, zie ook mijn bijdrage op http://lvb.net/it... De kennis van het Nederlands bij Waalse politici laat inderdaad te wensen over en op het federale vlak kan dat niet, vind ik ook. Onze politici daarentegen lijken de eigen taal te verleren. Als je Remkes af en toe hoort in de Tweede Kamer is het volkomen duidelijk dat hij teveel aan de telefoon hangt met die lui aan de andere kant van de Noordzee of Atlantische Oceaan.